Onder de Streep 2026: Bedrijfskeuzes voor een verdienmodel met natuurinclusieve melkveehouderij

Client:ReGeNL / Provincies

CategoryRural Areas

Hoe ziet een toekomstbestendig én economisch volhoudbaar verdienmodel voor natuurinclusieve melkveehouderij in Nederland eruit? Sinds 2019 doen we samen met ruim 80 deelnemende melkveehouders onderzoek naar deze vraag en delen we jaarlijks de resultaten in de rapportenreeks ‘Onder de Streep’. In dit rapport, Onder de Streep 2026, laten we de resultaten zien van de analyse van boekjaar 2024. Eerdere edities lieten zien dat natuurinclusieve en biologische melkveebedrijven onder passende omstandigheden goede economische resultaten kunnen behalen, maar dat er niet één bedrijfsmodel is dat overal werkt. Deze editie bouwt daarop voort en onderzoekt welke bedrijfskeuzes bijdragen aan een goed verdienvermogen en onder welke omstandigheden deze keuzes kansrijk zijn. Daarnaast kijken we naar de natuurinclusieve prestaties en economische resultaten van de deelnemende bedrijven in 2024.

Wat hebben we gedaan?

In 2021 ontwikkelde De Natuurverdubbelaars samen met Wij.land en Living Lab en Alan Accountants en Adviseurs een nieuwe methodologie die meer inzicht geeft in het verdienvermogen van natuurinclusief boeren. Deze methode werd toegepast op een eerste groep van 13 natuurinclusieve melkveehouders. De resultaten van deze bedrijven lieten zien dat er met natuurinclusief boeren een goed inkomen verdiend kan worden en dat dit op veel verschillende manieren kan. In 2023 werd de groep uitgebreid naar 45 deelnemers en schreven we het rapport Onder de Streep 2023, en in 2025 schreven we het rapport Onder de Streep 2025 over meer dan 80 deelnemende bedrijven. De Natuurverdubbelaars werkt aan verschillende onderdelen binnen het project. Zo zijn we verantwoordelijk voor het doorontwikkelen van de rekentool en ondersteunen we studiegroepbegeleiders. Daarnaast valideren en analyseren we de resultaten en schrijven we het rapport.

In dit onderzoek kijken we in het bijzonder naar bedrijfskeuzes die deelnemende extensieve bedrijven maken om zo meer inzicht te krijgen in hoe het verdienmodel van natuurinclusieve melkveehouderij eruit ziet en in verschillende contexten vorm kan krijgen.

Lees het rapport hier!

Extensieve bedrijven scoren beter op natuurinclusieve KPI’s

Melkveehouders produceren niet alleen melk. De manier waarop zij boeren heeft ook invloed op natuur, landschap, water en de uitstoot van stikstof en broeikasgassen. In Onder de Streep zien we dat extensieve melkveehouders op veel van deze punten goed presteren. Zo gebruiken zij minder kunstmest, is de ammoniakuitstoot lager en staan de koeien meer uren buiten. Ook hebben deze bedrijven gemiddeld meer kruidenrijk grasland en doen zij vaker aan agrarisch natuurbeheer. We hebben de prestaties van de boeren ook vergeleken met landelijke streefwaarden voor natuurinclusieve landbouw. Veel extensieve bedrijven halen een groot deel van deze streefwaarden. Tegelijkertijd blijkt dat niet iedere streefwaarde voor ieder bedrijf even logisch of haalbaar is. Zo maakt het uit op welke grondsoort en in welke regio een boer werkt. Een boer in West-Nederland heeft bijvoorbeeld veel vaker toegang tot agrarisch natuurbeheer dan een boer in Oost-Nederland: bij onze deelnemers is gemiddeld 32% van het areaal in West onderdeel van het ANLb, tegenover 4% in Oost.

Een goed resultaat met natuurinclusieve melkveehouderij

Ook financieel blijven de extensieve bedrijven goed presteren. Hun inkomen ontwikkelt zich over meerdere jaren relatief stabiel. Waar licht extensieve en gemiddelde bedrijven sterker profiteren van een hoge melkprijs, maar ook gevoeliger zijn voor schommelingen, halen extensieve bedrijven hun opbrengsten uit meer verschillende bronnen. Aan de kostenkant zien we eveneens verschillen. Extensieve bedrijven gebruiken minder externe inputs en hebben veel lagere mestafzetkosten. In 2024 bedroegen de mestafzetkosten gemiddeld ongeveer €2.200 per extensief bedrijf, tegenover €22.000 bij de gemiddelde groep.

Er is niet één verdienmodel

Een belangrijke vraag in deze editie is welke keuzes natuurinclusieve melkveehouders maken om tot een goed verdienvermogen te komen. Daaruit komt geen blauwdruk naar voren. Bedrijven combineren verschillende keuzes om kosten te beperken en opbrengsten te verhogen. Biologisch produceren biedt een hogere melkprijs en wordt vaak gecombineerd met een lage input en natuurbeheer. Lage input verlaagt de kosten voor onder meer krachtvoer en kunstmest. Een lage kostprijs zien we ook bij bedrijven die een relatief hoge melkproductie per koe combineren met lage kosten voor voer, vee, gewassen en mestafzet. Een substantiële neventak, zoals zuivelverwerking, korte keten, recreatie of verhuur, kan aanvullende inkomsten opleveren. Juist de combinatie van keuzes is belangrijk. Zo zien we biologische bedrijven die een lage input combineren met een groot areaal en natuurbeheer, licht extensieve bedrijven die een relatief hoge melkproductie combineren met lage kosten en zeer extensieve bedrijven waarbij een substantiële neventak een belangrijk onderdeel van het verdienmodel vormt.

De omgeving bepaalt welke keuzes mogelijk zijn

Welke combinatie werkt, verschilt per bedrijf. Toegang tot betaalbare grond is belangrijk voor bedrijven die willen extensiveren. Voor biologische bedrijven moet er voldoende afzet zijn voor biologische melk. De mogelijkheden voor Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer verschillen sterk per regio en ook voor neventakken maakt de ligging van een bedrijf uit. Dat vraagt ook iets van beleid en ketenpartijen. Er is niet één bedrijfsmodel dat overal gestimuleerd kan worden. Wel kunnen de omstandigheden worden gecreëerd waarin verschillende verdienmodellen mogelijk zijn: met toegang tot betaalbare grond, voldoende afzet voor onderscheidende producten en ruimte voor nevenactiviteiten. Ook de maatschappelijke prestaties van natuurinclusieve bedrijven kunnen sterker onderdeel worden van het verdienmodel. Langjarige en passende vergoedingen voor agrarisch natuurbeheer zijn daarvoor belangrijk. Daarnaast liggen er kansen om ook andere ecosysteemdiensten, bijvoorbeeld op het gebied van biodiversiteit, water, klimaat en emissiereductie, beter te verwaarden.

Webinar 

Kijk hier het webinar terug, waar we in gesprek gaan over de belangrijkste resultaten!

Lees het rapport hier!
Go back to other Case Studies